Gedicht: Handschoenen 4

« Terug naar gedichten

Soms vraagt de goede Sint zich af,
hoe een bepaald woord ontstaat.
Want er zwerft nogal wat gekke taal,
hier en daar over de straat.

Neem nou een gek woord als een stoel,
wie verzint er nou zoiets.
En een voertuig op twee wielen,
wie bedacht daarvoor de fiets?

Pantoffels, mayonaise,
garderobe, kaas en kraan.
Wie verzint toch al die woorden,
waar komen ze vandaan?

Soms zijn er echter woorden,
die spannen echt de kroon.
Die zijn niet alleen ietwat vreemd,
maar ronduit raar gewoon.

Om dit te illustreren,
geeft Sint je iets dit jaar.
Dat een perfect voorbeeldje is,
van zo’n woord, het is heel raar.

Als je het papiertje hebt verwijderd,
begrijp je het meteen.
Moet dit nou om je dikke duim?
Of om je kleine teen?

« Terug naar gedichten