Gedicht: Kalender 4

« Terug naar gedichten

Sint is een familiemens,
dat is ook wel te merken.
Want anders kon hij nooit zo goed,
met zoveel Pieten werken.

Hij ziet ze dan ook als gezin,
een pa, met duizend zonen.
Die na werkvakantie in ons land,
een heel jaar bij hem wonen.

Maar het bezorgt de Sint bij zo¹n gezin,
veel extra witte haren.
Wanneer hij steeds onthouden moet,
wanneer zijn pieten verjaren.

Daar heeft hij iets op gevonden,
iets waarop hij kan noteren.
Wie hij, waar, wanneer, waarom,
waarmee moet feliciteren!

Nu hoorde Sint dat jij zo¹n ding,
ook graag hebt aan de muur.
Dat vond hij een heel fijn cadeau,
nuttig, en niet zo duur.

Je krijgt dat dan ook van de Sint,
maar in je schoen paste het niet.
Daarom krijg jij het in je hand,
van Sint, en zwarte Piet!

« Terug naar gedichten